Het middelste kind uit de S26-reeks zit wederom gevangen tussen zijn kleinere en grotere broer. De S26+ is een meer dan degelijke smartphone, maar voor wie is hij bedoeld?
Je zal maar een Samsung Galaxy S+ zijn. Het tweede toestel uit de premiumlijn van Samsung lijdt al enkele jaren aan het ‘middelstekindsyndroom’. Het Ultra-model is het speerpunt van de reeks, terwijl het basismodel zich onderscheidt door zijn compactheid. De Plus-versie neemt wat eigenschappen van beide modellen over, en heeft daardoor weinig unieks.
Kan de S26+ de spiraal doorbreken en uit de schaduw treden? Daarvoor speelt Samsung te veel op safe, net zoals voor het basismodel.
Een maatje groter
Het ontwerp van de Samsung Galaxy S26 is eenvoudig te beschrijven: neem een S26 en rek die uit tot 6,7 inch. Of neem de S25 en verander de kleur van de behuizing. De S26+ is qua uiterlijk nauwelijks veranderd: de afgeronde hoeken en verticaal geordende camera’s zijn inmiddels zeer herkenbaar. De smartphone is netjes afgewerkt, al steken de camera’s net iets te veel uit de rug.
De S26+ onderscheidt zich van zijn kleinere broer door zijn groter scherm. Een groter scherm betekent meer pixels: de resolutie is identiek als het Ultra-model, die de 1.440 x 3.120 pixels over een 6,9 inch scherm verdeelt. Je kan dus stellen dat de S26+ de optimale verhoudingen tussen pixels en schermgrootte bereikt, al spreken we over verschillen die je niet met het blote oog ziet. De schermhelderheid is met 1.320 nits dan weer een tikkeltje lager dan de andere modellen, maar ook dit is verwaarloosbaar.
Groter is niet beter…
Hoe hard Samsung vasthoudt aan uiterlijke consistentie, zo wispelturig is het met het binnenwerk van de S26-modellen. Dit jaar verschijnen de S26 en S26+ weer met een Exynos-processoren uit de eigen chipfabrieken. In het verleden hebben de Samsung-chips niet altijd weten te bekoren, maar de Exynos 2600 toont zich een zeer capabele processor.
Voor extra rekenkracht hoef je de S26+ niet boven de S26 te verkiezen. Het binnenwerk is identiek, dus zijn de prestaties dat ook. De Ultra levert via de Snapdragon 8 Elite Gen 5 nog net een tikkeltje meer, maar de S26 en S26+ houden zich in vergelijking met hun prijsgenoten goed staande. Dat geldt zowel voor CPU-kracht als GPU-kracht.
…ook niet voor de batterij
De S26+ laat echter na om zich in batterijduur te onderscheiden van zijn kleinere broer. Dit zou net een sterkte moeten zijn voor de S26+, die over een grote batterij beschikt (4.900 mAh). Je zou dus verwachten dat hij in een batterijtest beter doet, maar het tegendeel is waar. Zo zie je maar dat de processor finaal toch een grote impact heeft op de batterijduur, en daarin blijkt Samsung net iets minder te excelleren.
De batterij van de S26+ kan op een volle lading eenvoudig een dag overbruggen, maar als je het toestel doorheen de dag onder druk zet, kan dat krap worden. Binnen zijn prijsklasse doet hij het het minst goed op de prestatietest. Een rechtstreekse vergelijking tussen de S26 en S26+ lijkt dus vooral te illustreren dat groter niet per definitie beter is.
Iets minder traag laden
De S26+ doet aan de oplaadkabel wel beter dan de S26. Zeggen dat de S26+ snel kan laden, zou een lichte overdrijving, maar in ieder geval toch minder traag. De 4.900 mAh-batterij is na 18 minuten halfvol en na 35 minuten heb je tachtig procent.
Dat lijkt sneller dan de OnePlus 15 en Oppo Find X9 Pro terwijl we deze fabrikanten vaak bewieroken omwille van hun snelle oplaadtijden. De cijfers vragen wel een beetje nuance: de toestellen hebben een veel grotere batterij te vullen, en OnePlus en Oppo hebben de vervelende gewoonte hun eigen laadstandaard voor te trekken. Als de S26 gebuisd is op het vak opladen, dan krijgt de S26+ een nipte deliberatie.
Camera’s hinken achterop
Ook bij de camera’s is het alweer even wachten op vernieuwing. De camera-setup is al sinds de Galaxy S22 nauwelijks nog veranderd. Verticaal gestapeld krijg je een 50 MP hoofdcamera, 10 MP telefotocamera en 12 MP breedhoekcamera, vooraan een 12 MP camera. Anno 2022 waren dat goede camera’s, maar vier jaar laten voelen ze voorbijgestreefd.
De hoofdcamera kan onder de juiste lichtomstandigheden nog wel goede resultaten voorleggen, al zijn groene vlakken als grasvelden onscherp. Met de breedhoek- en telefotocamera’s komt Samsung op dit prijsniveau echt niet meer weg, zeker als je vergelijkt met wat andere toestellen kunnen, zelfs goedkopere modellen als de Nothing Phone 4a. Samsung behandelt de S26+ op vlak van camera’s als een middenklasser.















Slimmere Bixby
Samsung trekt weer vol de kaart van AI onder de vlag ‘Galaxy AI’ en Now Brief. Ondersteuning voor het Nederlands blijft voor vele functies beperkt tot afwezig, waardoor de mooie beloftes in onze contreien maar half worden ingelost. Bovendien blijven functies voor fotobewerking wisselvallige resultaten opleveren.
Samsungs eigen AI-assistent Bixby krijgt nog de grootste upgrade. Met Galaxy AI leek Bixby richting de uitgang geduwd te worden. De AI-assistent kan onder andere instellingen voor je aanpassen en is zich meer contextbewust. Zeg je tegen Bixby dat je ogen pijn doen, zou die dat als een signaal moeten zien om de schermhelderheid aan te passen. Het is maar of je voor eenvoudige handelingen nu echt AI-assistentie nodig hebt.
Conclusie: overbodige tussenstap
De Samsung Galaxy S26+ zal wederom met een rol in de schaduw tevreden moeten zijn. Er is in specificaties te weinig onderscheid met het basismodel. En als je de S26 toch te klein vindt, waarom zou je dan niet gewoon voor de S26 Ultra gaan? Niet alleen binnen het eigen portfolio wordt het toestel overvleugeld: toptoestellen van andere merken bieden meer voor hetzelfde geld.
Samsung zal zijn redenen hebben om te blijven vasthouden aan de S26+. Voor ons wordt die reden jaar na jaar minder duidelijk.
Getest: Samsung Galaxy S26+, 12 GB RAM, 256 GB opslag, zeven jaar ondersteuning, ecolabel A, 1.249 euro incl. btw.
Pro's
- Hoge beeldresolutie
- Verrassend goede Exynos-processor
- Verbeterde Bixby
Contra's
- Onduidelijke positionering
- Tegenvallende camera’s
