Micron reageert op geheugentekort: wel aandacht voor pc’s, en niet meteen opgelost

Micron

Nadat Micron zijn Crucial-merk heeft afgevoerd om beter aan AI-datacenterklanten te cateren, motiveert het bedrijf die beslissing en laat het zien wat de toekomst inhoudt.

De meest zichtbare impact van de aanhoudende geheugentekorten in de IT-toeleveringsketen, naast de torenhoge prijzen van RAM, was de beslissing van Micron om zijn Crucial-merk ten grave te dragen. Onder de Crucial-noemer verkocht Micron jarenlang los DDR-geheugen, maar de lokroep van de AI-markt was te sterk.

In een interview met Wccftech reageert Micron nu zelf op die beslissing. Het bedrijf krijgt de wind van voren om wat velen een consumentonvriendelijke beslissing noemen, en wil dat nuanceren.

Impuls van datacenters

“We willen klanten van over de hele wereld helpen”, zegt Christopher Moore, VP Marketing voor de Mobile en Client Business Unit. “We doen dat via verschillende kanalen. We hebben nog steeds een grote business in de markten voor client en mobiel. Natuurlijk bedienen we ook onze datacenterklanten.

“Wat er nu gebeurt, is dat de totale markt en de datacentermarkt heel aanzienlijk groeien”, vervolgt hij. “We willen er zeker van zien dat we als een bedrijf de totale markt adresseren.”

In feite bevestigt Micron daarmee wat duidelijk is. De geheugenmarkt groeit sneller dan het geheugenaanbod, met name in het datacentersegment, en Micron wil dat segment goed bedienen. Crucial is daar het slachtoffer val.

Wel aandacht voor pc’s

Micron wijst er wel op dat het nog steeds veel geheugen voor pc’s en laptops levert. Daartoe werkt het samen met pc-bouwers zoals Dell en Asus. Als grote geheugenspeler blijft Micron die fabrikanten wel rechtstreeks bedienen.

Ook daar zijn er echter beperkingen. Om de opbrengst van zijn bestaande fabrieken zoveel mogelijk te optimaliseren, wil Micron zo weinig mogelijk diverse SKU’s maken. Om 16 GB LPDDR5 te maken, en daarna 12 GB, moet de productielijn worden stilgelegd en geherconfigureerd. Micron wil daarom zoveel mogelijk dezelfde configuraties afleveren.

Moore: “We werken met fabrikanten om de vraag zo stabiel als mogelijk te krijgen, zodat ook wij ons aanbod zo stabiel mogelijk kunnen krijgen en de output kunnen maximaliseren.” Dat illustreert meteen waarom het aantal beschikbare geheugenconfiguraties voor een gegeven systeem in 2026 vermoedelijk kleiner zal zijn dan het afgelopen jaar.

Nieuwe fabrieken

Tot slot geeft Micron aan dat het wel degelijk nieuwe fabrieken bouwt, en daar enkele jaren geleden al mee begonnen is. Alleen duurt de opstart van een fabriek heel lang.

“De bouw van de ID1-fabriek in Idaho (in de VS) is drie jaar geleden gestart”, zegt Moore. “De fabriek zal online komen midden 2027. Dat is vroeger dan de oorspronkelijk geplande timing van eind 2027. Maar je zal dan nog geen echte output zien. Tegen dat alle kwalificaties rond zijn, klanten tevreden zijn met de fabriek, en alles naar behoren draait, zal het 2028 zijn.”

Daarmee verwijst Moore naar een fabriek die al in aanbouw is. Sites die nog in de planningsfase zitten, zullen vermoedelijk niet voor 2030 bijdragen aan de productiecapaciteit. Dat illustreert dat het geheugentekort nog wel even zal aanhouden. Ofwel stabiliseert de nieuwe capaciteit van Micron en andere fabrikanten binnen enkele jaren de prijs, ofwel daalt de vraag vanuit het AI-veld. Tot nader order lijken hoge prijzen en tekorten echter de orde van de dag.